Zucht

Ik heb groot respect voor een ieder die in de gezondheidszorg werkt, want ik denk niet dat het altijd meevalt om geconfronteerd te worden met wonden, ziektes en allerlei aandoeningen. Ik heb er dan ook totaal geen moeite mee dat een arts die dagelijks levens redt een groot salaris heeft. Maar ik vind wel dat ze dan ook bij de les moeten blijven.

Mijn oma haar ‘flubbertje’  zat er dinsdag nog steeds. Wel vertelde ze dat de huisarts inmiddels was geweest (op mijn verzoek). Tot mijn grote verbazing had hij gevraagd welke problemen ze aan haar navel had! Of zijn collega (die ik aan de lijn heb gehad) heeft mijn opmerkingen niet goed doorgegeven of hij heeft zelf twee namen door elkaar gehaald. Want een paar deuren verderop zat een vrouw met een pijnlijke navel en het is nog maar de vraag of hij daar wel langs is geweest.

Oma heeft een zorgmap waar de dames van de thuiszorg elkaar mee op de hoogte houden en de huisarts schreef erin dat hij een bijtend stofje had besteld, dat het ‘flubbertje’ zou moeten verstikken. Het ding eraf snijden zou te pijnlijk zijn, aangezien de huid van het ooglid erg dun is. Het is dus beter om het een paar keren per dag ‘aan te stippen’, zodat het bindweefseltje zwart wordt en er vanzelf afvalt.

Na een week ‘aanstippen’ blijkt dat het ding er nog steeds hangt. Oma zit er steeds aan te trekken, in de hoop dat het helpt. In eerste instantie vond ze het ding niet eens zo vervelend, maar door de belofte van de huisarts wil ze er nu ook echt graag vanaf. Om een enorm bloedbad te voorkomen heb ik haar aangeraden om er niet meer aan te komen.

De dames van de thuiszorg belden met de huisarts en toen bleek waar de fout zat: er was alleen aangestipt op de plek waar de verbinding tussen het weefseltje en de huid zit. Terwijl het hele ding (ongeveer 2 cm lang en een paar millimeter breed) aangestipt had moeten worden. Zucht. Je zou toch denken dat dit wel eens vaker voorkomt bij oude mensen en dat ze dan weten hoe ze ermee aan moeten.

Warm water en een ‘flubbertje’

kraantjeVorige week vertelde oma tussen neus en lippen door dat haar water niet meer warm werd. Ze gaf me het gevoel dat eraan gewerkt werd en dat ‘alle buren er last van hadden’. Ik dacht er verder niet over na en ging er vanuit dat het wel goed zou komen. Maar toen we gistermorgen bij haar op bezoek waren, bleek het nog steeds niet te zijn opgelost. Maar ze vond het geen probleem; ze zette gewoon een pannetje met water op het vuur. Zo zie je maar dat haar generatie (ze is 89) gewend is om de schouders eronder te zetten en zelf een oplossing te zoeken. Al is dat in dit geval natuurlijk niet handig, want na één telefoontje van mijn kant was het probleem (vervangen van een defect onderdeel van haar CV ketel) binnen een uur opgelost.

Nou is het natuurlijk heel vervelend om te weten dat oma een week lang zonder warm water heeft gezeten en dat niemand dat verder is opgevallen. Ik ben het enige familielid dat bij haar langskomt en er komt tweemaal daags iemand van de thuiszorg kijken of alles in orde is. Voor oma is het blijkbaar geen probleem dat ze geen warm water heeft, vooral niet omdat ‘de buurman dat ook niet heeft’. Ze heeft vaker dit soort dingen. Ze benoemt een probleem, concludeert dat iedereen daar last van heeft en dan is het een soort van geneutraliseerd en niet meer zo erg. Zo wordt het voor mij steeds lastiger om te ontdekken wat wel en wat niet aan haar verhalen klopt.

Gistermiddag heb ik buiten haar weten om de huisarts gebeld, want ze heeft behoorlijk opgezette benen en en ‘flubbertje’ (bindweefseltje) aan haar linkerooglid. Ze wil absoluut niet naar de dokter want het gaat vast vanzelf over en anders maar niet. Toch weet ik dat ze blij is als het verholpen is. En dan moet ik het zo regelen dat de dokter ‘toevallig’ bij haar langs gaat en niet door mij is gestuurd. Ze wil mij niet tot last zijn, maar ik vind het juist geen probleem om dit te regelen.

Medische zaken

De ambulancepost van Veendam is verhuisd en bevindt zich nu op een paar honderd meter van ons huis. Vannacht hoorde ik de sirene twee keer gaan, aan het begin en aan het einde van de nacht. Niet dat het me wakker heeft gehouden. Meestal slaap ik gelijk weer in als ik ‘s nachts iets hoor. En het is natuurlijk een kwestie van wennen.

Niet ver van de ambulancepost ligt een braakliggend terrein, dat het Lloydsterras heet. Toen ik pas in Veendam woonde ging het gerucht dat daar een winkelcentrum en bioscoop zouden komen. Maar we zijn nu bijna tien jaar verder en het is nog steeds een kale vlakte. Maar dat gaat binnenkort veranderen. Er zijn plannen in ontwikkeling om daar een gezondheidscentrum te bouwen. Onder de initiatiefnemers zijn een huisarts, een apotheek en een fysiotherapeut. Handig dat dit op loopafstand van ons huis komt, je weet nooit wanneer het nodig zal zijn.

Veendam heeft geen ziekenhuis. Dichtsbijzijnde is Stadskanaal. De ziekenhuizen van Delfzijl en Winschoten verdwijnen en in Scheemda zijn ze een nieuwe aan het bouwen. Deze moet in 2018 klaar zijn. Ook wordt er bij het bouwen rekening gehouden met aardbevingsbestendigheid. 

Lloydsterras