Vroeger en nu

Je hoort vaak dat het goed is om zoveel mogelijk in het moment te leven. Maar wat is het jammer als je het jezelf ontzegt om af en toe eens terug te kijken naar je verleden. Zo bedacht ik me dat als ik tien jaar geleden de foto’s die ik tijdens deze kerstdagen heb gemaakt had kunnen zien, ik er met veel verbazing naar had gekeken. Want ik had werkelijk niemand herkend. Nu is dat ook niet zo vreemd, als je nagaat dat ik al die mensen pas in de afgelopen negen jaar heb ontmoet.

Met het overlijden van mijn oma in juni dit jaar ben ik zo langzamerhand de laatste overlevende van mijn familie (op mijn oom en tante en mijn neef na). Wellicht een twijfelachtige eer, die vrij normaal is voor mensen die veertig jaar ouder dan mij zijn. Gelukkig voel ik mij allang geen vreemde eend in de bijt meer, temidden van mensen die elkaar al een leven lang kennen. Mijn vader is (tot zijn overlijden) maar een paar maanden getrouwd geweest met zijn tweede vrouw, maar sinds die tijd heb ik er een hele familie bij gekregen. Ook toen ik bijna vier jaar geleden mijn vrouw ontmoette kreeg ik er een hele club mensen bij, groter dan mijn eigen familie ooit is geweest.

Mochten mijn ouders op de 1 of andere manier nog iets van deze tijd meekrijgen, dan kunnen ze gerust zijn: ik ben niet alleen achtergebleven. Toen zij overleden was ik nog vrijgezel en leek het er niet op dat ik ooit nog een partner zou vinden. Maar dat de wonderen de wereld niet uit zijn, is een wonder op zich. Vijf jaar geleden was ik nog een verstokte vrijgezel, inmiddels ben ik bijna twee jaar gelukkig getrouwd en moet ik er niet meer aan denken om weer alleen door het leven te gaan. Wat overigens niet inhoudt dat ik al die jaren dat ik alleen was als verloren tijd zie. Ik weet ook dat er mensen zijn die juist eenzaam zijn ín hun relatie en zich pas beter voelen als ze weer alleen zijn. Of juist niet alleen kunnen zijn en daarom maar in een slechte relatie blijven hangen.

Voor mijn vrouw is het vreemd om geen schoonouders te hebben; maar het is mooi dat mijn oom en tante het goed met haar en d’r ouders kunnen vinden en ook meer dan bereid waren om mijn getuigen te zijn tijdens ons huwelijk. Eens per maand eten we met zijn zessen en koken we om de beurt.

Wat een mooie verbindende factor is met mijn ‘tweede’ familie, is dat ik de neefjes en nichtjes van kleins af aan zie opgroeien. Zo zie je alle kinderfases (in een naar je gevoel korte periode) voorbij komen, wat natuurlijk extra leuk is omdat we zelf geen kinderen hebben. Mijn jongste nichtje (bijna 1) had al wat op een gitaar zitten pingelen en mijn andere nichtje (9) en neefje (8) leefden zich uit op een keyboard. Als dat zo doorgaat kunnen we ooit een familieband oprichten ;-).

Voor mijn oma waren de kerstdagen een kleine marteling, want zij had alleen nog de herinnering aan de gezellige dagen die ze normaal met de kinderen (mijn ouders en ik) doorbracht. Die tijd was voorbij en ze liet ook geen andere mensen meer toe in haar leven. Behalve mijn vrouw en ik kwam er niemand meer en dan zie je toch dat iemand langzaam wegkwijnt. Ik heb natuurlijk nog wel even aan haar gedacht deze dagen, maar kwam al snel tot de conclusie dat het voor haar het beste was dat het allemaal voorbij was. Voor mijn ouders was het leven te kort, maar voor haar duurde het te lang. En ook al zijn de overledenen niet meer lijfelijk aanwezig, uit mijn gedachten zijn ze nooit.

image

Ouderen en eenzaamheid

Ongeveer een week na het overlijden van mijn oma begonnen we met het uitzoeken van haar spullen in haar aanleunwoning. Uiteindelijk houden we maar drie kastjes en kan de rest naar een opkoper of naar de kringloopwinkel. Een paar plantjes die oma van ons op moederdag heeft gekregen staan nu in onze woonkamer en binnenkort poten we de pioenroos uit haar voortuin over in onze tuin. Ik had haar administratie al jaren in beheer en ze had zelf de meeste overbodige paperassen al opgeruimd.

Ik had de huur van de woning laatst opgezegd en vanmorgen kwam de woonconsulent langs voor een eerste inspectie. De woning zag er volgens hem al keurig uit, al moeten alle meubels er nog uit en wacht ons nog een leuk klusje wat het verwijderen van de vloerbedekking betreft. Het keuringsrapport was een stuk saaier dan die hij vorige week van een andere woning moest maken. De overleden bewoonster had jarenlang flink gerookt en daardoor waren alle muren en plafonds geel van de aanslag. Zelfs de deuren waren onherstelbaar beschadigd door al het gerook en de eindafrekening kwam daardoor op maar liefst 12.000 euro! Zo wordt het maar weer eens duidelijk dat het altijd belangrijk is om je woning goed schoon te houden en daar ook als (klein)kind op toe te zien. Want zo’n hoog bedrag is natuurlijk geen fijne verrassing nadat je de erfenis al zuiver hebt aanvaard.

Maar wat als er geen (klein)kinderen meer langskomen? De woonconsulent vertelde dat eenzaamheid eigenlijk het grootste probleem is waar de oudjes mee kampen. Sommige mensen presteren het om maar 1 keer per jaar bij hun (groot)ouder op bezoek te gaan, altijd met hetzelfde smoesje dat ze het zo ‘druk’ hebben. Wij gingen slechts anderhalf uur per week bij oma op visite, maar ze keek daar de hele week naar uit. Dat sommige mensen dát niet eens over hebben voor hun (groot)ouder gaat er bij mij niet in. Na het overlijden zullen ze vast overvallen worden door een schuldgevoel, maar dan is het te laat. Wat dat betreft zijn er veel ouderen die afgeserveerd worden als ze ‘niets meer opleveren’. Zolang de kleinkinderen gedumpt kunnen worden dan is het prima, maar als dat niet meer gaat dan hebben mensen het opeens te druk om nog langs te komen. Ook in zo’n geval betekent ‘geen tijd’ eigenlijk ‘geen prioriteit’. Maar vaak is het bezoeken van een oudere een kwestie van ‘een kleine moeite, veel plezier’!

Oma in 2014

Aarde

Mijn opa zaliger ging ieder voorjaar de tuin ‘omgraven’. Met een grote spade was hij een hele tijd puffend en steunend bezig totdat de tuin eruit zag als een kaal veld vol molshopen. Mijn moeder had groene vingers en licht verbijsterd vroeg ik haar of deze klus wel nodig was. Zij reageerde een beetje van ‘ach, laat opa maar’ en zo begreep ik dat het meer een jaarlijkse gewoonte van hem was en dat hij zelf waarschijnlijk niet eens wist of het nut had.

Nu weet ik dat er in de winter van alles in de aarde gebeurt, zonder dat je het boven de grond kunt zien en dat opa’s jaarlijkse graafpartij waarschijnlijk niet veel goeds deed. Zelf heb ik dan ook nog nooit de tuin ‘omgegraven’, vooral omdat ik juist niet teveel aarde rondom de planten wil. Het mag er allemaal wel een beetje natuurlijk uitzien, niet te keurig.

Vorige week hebben we een hele lap mos uit oma’s tuin gehaald en aanvankelijk zei ze dat we de kale plek niet hoefden op te vullen. Oma wil namelijk wel graag veel aarde zien, ondanks dat je dan meer kans hebt op onkruid. Toch zijn we even lekker eigenwijs geweest en hebben we drie kleine plantjes gekocht. Deze hebben we gistermorgen gepoot en de tuin ziet er desondanks nog steeds redelijk sober uit. Maar dat wil ze graag, zo zag opa het ook het liefst.

De oudjes moeten zelf hun tuintjes onderhouden. Dat is wel lastig, want sommige mensen hebben overbezette (klein)kinderen en dan komt het er maar niet van. Het is dan ook niet verwonderlijk dat een aantal mensen de tuintjes hebben laten betegelen. Ik vind dat zelf zonde, een klein tuintje geeft meer plezier om naar te kijken en het zorgt er ook nog voor dat het water beter wegzakt.

Nu maar hopen dat het een beetje gaat meevallen met het onkruid. 😉