De scheve toren van Ljouwert

schevetorenleeuwardenGistermiddag liep ik door de kleine kerkstraat in Leeuwarden. Ik liep langs de viswinkel waar ik jaren geleden met mijn moeder heel wat visjes heb weggehapt. Even verderop verscheidende culinaire winkeltjes die allerlei delicatessen verkopen. Voor een aantal van die winkels stonden kraampjes, waar je de aangeboden waren kon proeven. Diverse worstensoorten, koeken, noten en kaas.

Aan het einde van de straat kwam ik uit op een enorm plein met een grote toren. Hij bleek niet helemaal recht te staan. Ik was aanbeland bij de scheve toren van Leeuwarden. Grappig. Ik ben ooit langs Pisa gereden maar had geen trek om de befaamde toren aldaar te bekijken. Te cliché. Maar dat we er in het noorden ook eentje hebben is wel bijzonder.

De toren heet De Oldehove. In 1529 gebouwd, naast een kerkgebouw. Onder het bouwen begon de boel al te verzakken. Toch maar afgebouwd. Jaren later tijdens een grote storm stortte de kerk in. Deze werd afgebroken en zo bleef de toren eenzaam en alleen achter.

Stoppen met werken?

Ik weet het nog precies. Ik was net twintig, had drie jaar een vaste baan en verheugde me op een lange carrière. Belt er een gast van één of andere verzekeringsmaatschappij of ik wel eens over mijn pensioen nadacht. Ik zei dat mijn baas dat allemaal regelde. Dat antwoord was voor hem niet genoeg. Wellicht waren de pensioengelden op tegen de tijd dat ik 65 zou worden. Achteraf was het idee van opgesoupeerde pensioenen niet verkeerd gedacht. Maar ik zat op dat moment totaal niet op zo’n gesprek te wachten.

Vervolgens kwam de beste man met het verhaal dat ik ook zou kunnen overwegen om eerder te stoppen met werken. Het idee alleen al! Ik was nog maar net begonnen. Voor een niet misselijk maandelijks bedrag kon ik mijn werkleven met tien jaar verkorten. Het nut daarvan ontging me volledig. Ik bedankte voor de eer en hing de telefoon op.

Toch is dit korte gesprek mij altijd bijgebleven. Ook al zijn we nu twintig jaar verder. Ik leef nu in de wetenschap dat er misschien geen pensioen meer bestaat als ik vijfentwintig jaar ouder ben. Sterker nog, ik moet het nog zien of er dan überhaupt nog wel een AOW bestaat. Daarom ga ik er voor het gemak maar vanuit dat ik tot het einde der tijden aan het werk zal moeten zijn. Het is niet anders.

Je gaat er wel over nadenken. Had ik twintig jaar geleden een financiële planning moeten maken om daadwerkelijk eerder te kunnen stoppen? Er zijn genoeg mensen die het wél hebben gedaan. Jarenlang enorme bedragen apart zetten, leven als een monnik en dan ervan gaan ‘genieten’. Ik heb nooit zo geloofd in dingen uitstellen. Wel heb ik altijd een gezonde financiële huishouding gehad. Maar niet in die mate dat ik op mijn 55e kan stoppen met werken zoals bijvoorbeeld Gerhard. Hij heeft nog maar 25 jaar gewerkt maar is nu al met pensioen. Volgend jaar bereik ik dezelfde mijlpaal, maar ik ben dan nog maar 42.

Vond ik het twintig jaar geleden al voorbarig om over je pensioen na te denken, ik vind het nog steeds te vroeg om er teveel mee bezig te zijn. Toch lees je op het internet heel wat verhalen van mensen die er nu al over fantaseren om elke dag ‘vrij’ te zijn. Geen gezonde situatie. Waarschijnlijk hebben ze niet gekozen voor het werk waar ze van houden.

Maar ik heb gemakkelijk praten als zzp-er. Mijn lot ligt niet in handen van een werkgever die voor mij tien andere vervangers ziet. Of honderden. Niet dat het leven van een éénpitter er eenvoudiger en rooskleuriger uitziet dan dat van een willekeurige werknemer. Maar ik ben er na bijna zes jaar wel achter dat ondernemen heel erg leerzaam is en het geeft je daarom meer zelfvertrouwen om bij te kunnen sturen in moeilijke tijden. Dat hoop ik dan ook nog lang te kunnen doen.

Hoe de vlag er over twintig jaar bij hangt, wat pensioen en AOW aangaat, dat zien we dan wel. Je kunt niet alles in het leven vóór zijn.

Verschillen en veranderingen

Sinds een paar maanden speel ik in een bandje. Eigenlijk had ik me voorgenomen om dat nooit meer te gaan doen, maar het is altijd blijven kriebelen. De hoofdreden om niet meer in die trein te stappen was omdat ik het gedoe rond optreden niet meer wil. Het opbouwen, het sjouwen, het reizen, het wachten. Niets van dat alles is leuk. Het spelen wel. Maar dat is uiteindelijk maar een klein onderdeel van het geheel.

Maar ik heb nu vier gelijkgestemden in mijn eigen woonplaats gevonden die het muziek maken ook binnenskamers willen houden. Ongedwongen bezig zijn, zonder te willen optreden. Ideaal als je het mij vraagt!

Er is alleen één probleem: de band heeft twee toetsenisten. Gelukkig kunnen we allebei een beetje drummen, dus wisselen we elkaar af. Een noodoplossing eigenlijk en ideaal is het zeker niet. Maar zolang het goed gaat, gaat het goed. Tot nu.

De andere toetsenist is er sinds vandaag mee gestopt. Andere ideeën, niet geheel mee kunnen komen in het spontane repeteren en het daarom ook niet helemaal in de band passen waren volgens onze bandleider genoeg redenen om afscheid van elkaar te nemen. Het zij zo. Het voelt wel een beetje alsof het door mij komt. Het klikte namelijk vanaf dag één met de rest en het bleek al snel dat ik muzikaal wat verder was.

Twintig jaar geleden gebeurde precies hetzelfde. Uitgerekend de jongen die mij bij de band gehaald had, vertrok omdat hij zich niet meer bij de anderen voelde passen.
Je gaat toch denken: verschillen zijn soms al aanwezig maar komen pas aan het licht als er zich een verandering voordoet. Dan komen er opeens dingen aan het licht die anders verborgen zouden zijn.

Balloërveld

Op deze zonnige zaterdagmiddag zochten wij de rust op. Het Balloërveld, een heideveld van 367 hectare, niet ver van Assen. Het mooie weer lijkt maar niet op te houden. Geen straf om te genieten van heide, zandverstuivingen en bomen. Een plek met veel historie, grafheuvels en Middeleeuwse karrensporen. Ook zijn er nog loopgraven te vinden uit de Tweede Wereldoorlog.

Tijdens onze wandeling hoorden we een paard hinniken. In de verte zagen we hem aankomen. Afwisselend in galop en draf. Het meisje dat op het paard reed kreeg waarschijnlijk les van de dame die naast haar fietste. Toen ze uit het zicht waren hoorden we het paard nog steeds uitbundig hinniken. Tja, een prachtige plek en geweldig weer. Wat willen mens en dier nog meer?

De vorige keer dat wij hier waren was op 5 mei. In het gras naast het fietspad zagen we opeens iets bewegen. Het bleek een jong slangetje te zijn, soepel glijdend door het hoge gras. Samen met nog twee andere mensen zaten we op onze hurken naar dit diertje te kijken, totdat er een iets groter slangetje opdook. Mama, waarschijnlijk.

Even verderop kwamen we aan bij de schaapskooi. Het was een geblaat van jewelste toen de herder de honderden schapen de kooi inleidde. Elk schaap bleek zijn eigen geluid te hebben. De meeste lammetjes hadden de baard nog niet in de keel. Als je zo’n kudde een tijdje staat te observeren, zie je ook steeds meer verschillen. Geen schaap is hetzelfde. Een aantal opstandelingen waren een andere kant opgelopen, maar werden door honden weer teruggehaald. Verder leek alles gesmeerd te gaan. Je krijgt wel respect voor het beroep van schaapsherder. Blijft toch een zootje ongeregeld, zo’n kudde.

Voor iedereen die zijn hoofd eens lekker leeg wil maken is wandelen of fietsen op het Balloërveld beslist aan te raden!

Dankzij de bijen

Op de gezondheidsbeurs woonde ik een lezing bij van het AllergiePlatform en daar werd verteld dat honing een natuurlijk middel kan zijn tegen hooikoorts. Het gaat dan wel om honing uit de buurt waar je woont. Gelukkig had ik dit jaar niet veel last van hooikoorts; een beetje in de periode april/mei. Dus de drang om een imker te zoeken was niet erg groot.

Een dag voordat we op vakantie gingen streek er een zwerm bijen neer op onze hederahaag. Ik had nog nooit zoiets van dichtbij gezien en wist eigenlijk geen raad. Vooral niet omdat we op dat moment wel andere zaken aan ons hoofd hadden. Gelukkig beloofde een buurman van een paar huizen verderop dat hij het in de gaten zou houden. Mochten ze na een dag niet weg zijn, zou hij een imker regelen om de duizenden bijen vakkundig te verplaatsen. Maar vlak nadat ik bovenstaande foto had gemaakt, vlogen ze weg en bleek dat ze onze tuin alleen als overnachtingsplek hadden gebruikt.

Zondag werd er een oogstfeest gehouden bij de volkstuintjes in Borgerswold. Daar spraken we met een man van de Nederlandse Bijenhoudersvereniging. Hij verkocht Veendamse honing. Uiteraard een potje gekocht. Misschien helpt het om mijn hooikoorts het aankomende jaar helemaal uit te roeien. Dankzij de bijen.