Band

“Band” van een auto.

Gisteren zag ik dat mijn autoband ondanks het nieuwe ventiel alweer was leeggelopen, van 2 bar naar 0,7 bar in 1 dag tijd. Vanmorgen maar weer gelijk naar de garage gebracht met het verzoek om de oorzaak op te zoeken. Je raadt het al: er zit een klein gaatje in de band en het kan niet meer gerepareerd worden. Morgen wordt er een nieuwe band op gezet.

“Band” als in muziek.

Het stormachtige weer maakte duidelijk dat de zomer nu écht afgelopen is. Die zomer was gelukkig vol van bandjes, straatmuzikanten en het muziekfestival “Night of the Guitars”. Dit festival vindt twee keer per jaar plaats, in januari is er een ‘binnenversie’ en in juli een ‘buitenversie’ op het grote plein hier in het centrum. De veelal Veendammer muzikanten spelen dan een set van rocknummers uit de jaren zestig en zeventig. Ik bevind mij het liefst vlakbij het podium en maak meestal wat foto’s. Best een uitdaging om van de snel bewegende muzikanten geslaagde plaatjes te schieten. Hier zijn er nog meer te vinden…

image

Phil

Veel autobiografieën van bekende musici gaan vooral over de schaduwkanten van hun bestaan. Wagonladingen drugs, drank en gesloopte hotelkamers behoren tot het vaste repertoire van velen die zich geen raad wisten met het extreme leven als popster. In het grootste deel van de autobio van Phil Collins gaat het vooral over de muziek en de weg naar het succes. Reden genoeg voor een aantal doorgewinterde rockbiografie-lezers om dit boek links te laten liggen. Zij missen de wilde verhalen en vinden “Not dead yet” eentonig. Voor mij was dit boek vanwege het ontbreken van allerlei rock-clichés juist zo interessant.

Het verhaal van een arme jongen die eerst in verschillende bands drumt en jaren later opklimt als zanger en bovengemiddeld songschrijver is naar mijn idee heel bijzonder. Aanvankelijk staat hij bij Genesis in de schaduw van frontman Peter Gabriel. Als die vertrekt, is het in eerste instantie ondenkbaar dat hij diens plek zal overnemen. Maar als de zangaudities tegenvallen probeert Phil het zelf. Wat mij betreft één van de grootste metamorfoses in de rock: de drummer wordt frontman. En dat niet alleen. Hij start ook nog een succesvolle solo-carrière op.

Hoogte- en dieptepunten volgen elkaar op. Op Live Aid stapt hij na een optreden met Sting in het vliegtuig om zich op tijd bij Led Zeppelin te voegen. Het wordt een hectische en teleurstellende dag en als lezer wordt je daarin meegezogen. De andere kant van de medaille is de kwetsbaarheid van een artiest. Met kromme tenen lees je dat een persoonlijke fax aan zijn vrouw in handen valt van de (riool)pers. Op zulke momenten leef je echt met Collins mee.

Er valt ook veel te lezen over Phils woelige liefdesleven en de invloed daarop in zijn muziek. Een gedreven man die zichzelf niet spaart in dit openhartige boek. In het laatste stuk raakt hij, na jaren redelijk sober te hebben geleefd voor een rockster, toch nog aan de alcohol verslaafd. Hij krabbelde weer op en keerde terug bij zijn derde (ex) vrouw. Een voorlopig happy end in een mooi boek dat eens een andere kant belicht van het leven van een rockartiest. En het bewijs dat zelftwijfel en zelfvertrouwen soms best hand in hand kunnen gaan.

Weekendje offline

Ik was eigenlijk van plan om alleen vrijdagavond ‘offline’ te gaan, maar dit beviel mij zo goed dat ik de rest van het weekend er maar meteen achteraan plakte. De afgelopen week zat ik zoveel en zo lang op het internet, dat ik mij bijna ging afvragen hoe het ‘offline’ leven er ook alweer uit zag. De internetloze vrijdagavond gaf me weer een kans om mij geheel te concentreren op een boek. Het hele weekend had ik het gevoel dat ik meer tijd had en in mijn hoofd was het een stuk rustiger dan normaal. Even geen overtollige informatie, status-updates en nieuwsberichten.

Veendammerman op gitaarZaterdagavond hadden we een feestje met de band. Eén van onze zangeressen heeft haar tuinhuis omgebouwd tot kroeg, compleet met bar, barkrukken, lekkere zitjes, TV en muziekinstallatie. Het was gezellig om elkaar eens in een andere setting mee te maken. Ik had nog niet veel woorden gewisseld met onze drummer, die in januari vast bij ons is komen spelen. Tijdens de repetities ben je toch vooral bezig met de muziek op zich en dit was een mooie gelegenheid om wat beter kennis te maken. Uiteraard hebben we ook nog wat zitten spelen en zingen, dat hoort er ook bij. Maar rond half twee vonden we het welletjes en was het tijd om naar huis te fietsen.

Zondag begon ik alweer aan boek twee en kreeg eerst een beetje de neiging om mijn iPad er weer bij te pakken. Maar ik weerstond die verleiding en kon mij weer geheel concentreren op het verhaal. Dat is wel eens anders geweest. Soms las ik een hoofdstuk in een boek, om vervolgens ‘iets’ op internet te checken en dan me weer opnieuw te proberen te concentreren. Op die manier vliegt de tijd want ‘even’ iets nakijken duurt altijd langer dan je denkt en soms raak ik zelfs een beetje verdwaald op het internet, omdat elk antwoord dat je vindt weer leidt tot een nieuwe vraag.

Nu is de werkweek weer begonnen en het online leven ook weer. Toen ik vanmorgen wakker werd, vroeg ik me af of ik de afgelopen dagen iets had gemist. Een heel gedoe met de Turkse ministers. Nu ik weer een beetje op de hoogte ben denk ik, nee, ik heb niks gemist. Ik heb juist meer van alles meegekregen!

Vrijwilligerswerk

De bassist in onze band wil graag vrijwilligerswerk doen, het liefst iets met muziek. Ik nodigde hem uit om te komen kijken bij een repetitie van mijn zanggroepje bij de Novo. Niet alleen vond hij het zelf leuk om te zien en te horen, ook de cliënten waren in hun nopjes met zijn bezoek. Het is dan ook geen wonder dat hij graag een keer wil terugkomen en dan, net als ik, vrijwilliger voor onbepaalde tijd wordt.

Vanmorgen gelijk mijn contactpersoon ingelicht dat de Novo er weer een vrijwilliger bij kan krijgen. Ik denk dat ze daar wel blij mee zijn, want het heeft (voordat ik kwam) twee jaar geduurd voordat ze iemand konden vinden. Er waren in het verleden ook vrijwilligers voor knutselen, spelletjes doen en wandelen maar het lijkt erop dat het clubje toch aardig uitgedund is. Er zijn nog drie vrijwilligers die met een aantal mensen gaan vissen, maar dan is de koek op. Ik ben het langste ‘in dienst’ en hoop dit nog een poosje te mogen doen. Het kost mij niet zoveel tijd en het is dankbaar werk. En het is altijd weer fijn dat sommige cliënten recht voor zijn raap zijn. Ze hebben niet zo’n grote filter als wij en zijn daarom een stuk eerlijker als het erop aankomt.

Mijn vriend de bassist hoopt dat hij ook zijn bijdrage kan leveren binnen het huidige klantenbestand en zal het zanggroepje in het vervolg met mij gaan leiden. Wellicht leidt dit weer tot nieuwe ideeën en kunnen we samen wat uitwerken. We hebben momenteel een repertoire van 149 nummers en dat is nogal wat, maar wie weet kunnen we toch een uitbreiding maken naar een andere type muziek of iets met improvisatie gaan doen. Wie zal het zeggen. In elk geval is dit een leuk vervolg op iets wat ik al meer dan zes jaar met veel plezier doe.

Cello en piano

Een spontane actie op zijn tijd is best leuk. Gistermiddag zaten we te bedenken wat we op een regenachtige zondagmiddag zouden kunnen doen. Mijn vrouw haar oog bleef steken op een site waarop een concert van een zekere Lisa Franken werd aangekondigd. Deze Duitse virtuoze muzikante gaf een optreden in een sfeervol kerkje in Klein Wetsinge, een gehuchtje net boven de stad Groningen. Wij gaan nooit naar klassieke concerten, maar het intieme karakter sprak ons aan en wat heb je eigenlijk te verliezen als je een keer iets nieuws wilt proberen?

Lisa Franken is nog maar 34 jaar jong, maar heeft al een hele carrière achter de rug. Ze kreeg haar eerste muziekles al op 3-jarige leeftijd (!) en heeft menig conservatorium van binnen gezien. Dat was natuurlijk ook wel te horen. Moeiteloos switchte ze van cello naar piano en beide instrumenten had ze volledig onder controle. Bach, Schubert, Chopin en twee moderne componisten waar ik nog nooit van had gehoord (Cassado en Piazzolla) passeerden de revue. Zeer afwisselend gespeeld, van barok naar modern en weer terug. Iedereen die bij klassieke concerten automatisch denkt aan ‘saai’ zou dit eens moeten horen.

Ook een heerlijk idee dat het publiek volledig stil was, geconcentreerd naar de muziek luisterde en dat je lekker kon zitten met een kop thee. Het kerkje zorgde voor een knusse sfeer en het was er qua temperatuur absoluut niet koud. Dit nodigt uit om eens vaker een klassiek concert te bezoeken.